Vakantieblues: One night in Bangkok. Door Riny Boeijen


‘Aan de minibar kun je perfect de kwaliteit van je hotel aflezen’, zei een bereisde vriend ooit tegen me. Sinds die tijd heb ik de gewoonte als eerste de minibar te inspecteren. Een onzinnige bezigheid overigens, omdat ik er nooit enige consequentie aan verbind. Bovendien levert zo’n inspectie zelden een verrassing op. Dit keer echter vond ik naast de staafjes suiker en poedermelk een condoom. Keurig verpakt. Ik griste de barbon uit het mandje met theezakjes en jawel: Condom – 140 Bhat.

Waar was ik in terecht gekomen? Oké, dit was Bangkok, de dikke darm van het sekstoerisme. Toch had ik niet het gevoel bij een of andere afwerkplek te hebben ingecheckt. En ook mijn medegasten, zonder uitzondering oudere heren en dames, wekten niet de indruk aan een one night stand te werken. Hoofdschuddend legde ik het condoom terug en nam een douche.

Even later informeerde ik bij de balie naar de massagesalon waarover de hotelfolder uitvoerig ronkte. Na de urenlange vlucht kon mijn pijnlijke rug wel een behandeling verdragen. De receptioniste vertelde dat de massagesalon helaas gesloten was. Maar ze had een alternatief. Nog geen vijfhonderd meter hier vandaan was een winkelcentrum en in de ondergrondse parkeergarage kon ik me laten masseren; op traditionele wijze.

Jaja, met dat bijltje had ik eerder gehakt. Twintig jaar geleden had ik me in deze stad met dezelfde vraag naar de Garden of Eden laten sturen, samen met mijn partner. Terwijl zij in de hal het laatste modeblad doornam, werd ik in mijn onderbroek voorgesteld aan Cherry; een Thaise schone in een kort en veel te krap verpleegstersschort die me een happy landing op traditionele wijze in het vooruitzicht stelde. Ik weet niet hoe snel ik weer in de kleren zat om de lusthof te ontvluchten. Volgens mijn partner nog niet snel genoeg. Het heeft me de rest van de vakantie gekost om haar van mijn onschuld te overtuigen.

Bovendien zat dat condoom me niet lekker. Ik vroeg de dame achter de balie nog eens nadrukkelijk of het hier om een traditionele massagesalon ging. Haar vriendelijkheid leed er niet onder. Mijn aanzien wel. Als mijnheer dacht dat dit hotel haar gasten naar een seksmassage begeleidde, dan maakte mijnheer een vergissing.

‘One night in Bangkok makes a hard man humble’, zong Murray Head.

In de parkeergarage wees niets er op dat je hier meer kon doen dan je auto achterlaten. Er kwamen gezinnen voorbij, giechelende meisjes in schooluniform, mannen in pak. Volle tassen, lege tassen, maar een massagesalon was nergens te bekennen. Ik besloot een parkeerwachter aan te spreken. Die verwees me naar een uithoek waar op manshoogte een gordijn was gespannen.

Op mijn ‘hallo’ kwam een kolossale vrouw achter het gordijn vandaan. Ik wist even niet of ik nog wel wilde.

De dame had niets van de frêle poppetjes uit de hotelfolder. Ze droeg een broekpak van een glimmende stof met traditionele print. De vouwen in de stof beschreven in grove penseelstreek de contouren van haar machtige lichaam. Zonder iets te zeggen hield ze met haar poezelige hand het gordijn opzij en maakte een uitnodigend gebaar. Met knikkende knieën ging ik haar voor. In de ruimte een ligbank die tegen een nooduitgang van het winkelcentrum was geschoven. De lamp boven de deur scheen een vaal licht dat weerkaatste in het dikke plastic waarmee de ligbank was overtrokken. Op een klaptafeltje een stuk karton met het opschrift traditional massage 300 Bhat en twee plastic flessen; tomato ketchup en cooking oil. Traditioneler kon bijna niet.

Ze legde een handdoek op de bank en vroeg me te gaan liggen. Ik maakte aanstalten om mijn broek uit te trekken, maar dat was niet de bedoeling. Of ik mijn broekspijpen wilde oprollen. En eerst even afrekenen graag. De 300 Bhat verdween in haar beha. Ze nam de fles cooking oil en spoot een gele vloeistof op mijn benen. De frisse mentholgeur wedijverde met de indringende stank van uitlaatgassen. Daarna trok ze mijn T-shirt omhoog, nam de fles tomato ketchup, flatste enkele klodders van onbestemde herkomst op mijn rug en begon de ingrediënten op stevige wijze in te masseren. Een aangenaam gevoel, maar het bleek hier slechts om het voorspel te gaan.

De vrouw ging achter me op haar knieën op de bank zitten, boog voorover en pakte met beide handen mijn broeksband vast. Behoedzaam zette ze eerst haar ene en daarna haar andere knie op mijn kuiten. Ik wilde overeind komen, maar haar mollige handen bleken met staal gevoerd. Hoe meer ik tegenstribbelde, hoe pijnlijker het werd. Stapje voor stapje liep ze op haar knieën over mijn kuiten via mijn bovenbenen naar mijn billen. Ik werd gekraakt, platgewalst. En alsof dat nog niet genoeg was, plantte ze haar ellebogen op mijn schouderbladen. Daar lag ik met minstens negentig kilo traditionele Thaise masseuse op mijn lijf.

De verlossing kwam uit onverwachte hoek. Een auto stopte. Voetstappen en een schrille fluittoon echoden door de garage. Ik voelde de vrouw verstijven. In een oogwenk stond ze naast de bank en gebaarde met haar wijsvinger dat ik stil moest zijn. Ze griste een plastic tasje van de grond, stopte haar flessen tomato ketchup en cooking oil erin en liep naar buiten.

Ik bleef verbijsterd achter en durfde me niet te verroeren. De vrouw werd opgewacht door een harde mannenstem. Aan het gesprek kon ik geen touw vastknopen, maar gerust op een goede afloop was ik niet. Dan opnieuw slaande autodeuren. Toen was het stil.

Hoe lang ik daar heb gelegen, weet ik niet. Een kwartier, een half uur? Het enige dat ik hoorde waren vage stemmen en het zachte, piepende geluid van autobanden op de betonnen vloer van de garage. Uiteindelijk besloot ik de stap te wagen. Buiten keek ik schichtig om me heen en haastte me naar de uitgang. Daar wachtte de parkeerwachter. Of ik een goede massage had gehad?

‘Dat wel,’ antwoordde ik. ‘Maar waar is die mevrouw gebleven?’

Ze was meegenomen door een corrupte agent die iedere maand kwam vertellen dat haar massagesalon illegaal was. Maar tegen betaling en een privé-massage was hij wel bereid een oogje dicht te knijpen.

Mijn rugpijn was verdwenen, maar ik was as humble as a man can be. En de eerste nacht in Bangkok moest nog beginnen.

Uit: Vakantieblues – Riny Boeijen – uitgeverij U2pi BV – isbn 978-90-8759-195-3   www.rinyboeijen.nl

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s

%d bloggers op de volgende wijze: